– Schouderklacht

Voor een schouderklacht gaat u naar de gespecialiseerde schoudertherapeut!schouder echo

De meestvoorkomende schouderklachten komen voort uit een ‘ontsteking’ van de pezen die aan de schouderkop vastzitten. Deze pezen van het zgn. ‘rotatoren manchet’ hebben een belangrijke functie in het (zijwaarts) heffen van de arm, maar ook, zoals de naam al zegt; de draaibewegingen (rotatie).

De radioloog Rutte (Jeroen Bosch ziekenhuis) promoveerde op een proefschrift waarin hij de echografie en de MRI van de schouder vergeleek, en concludeerde dat je met een echo een beter beeld van deze rotatorenmanchet kon vormen dan bij een MRI!

Inderdaad is met een echografisch onderzoek tot op vezelniveau de pees te beoordelen en kunnen aan de pees wel tientallen verschillende afwijkingen worden gediagnosticeerd, waarbij de juiste diagnose van groot belang is voor een effectieve behandeling. De ene peesklacht kan het best behandeld worden met een specifieke soort behandeling, terwijl diezelfde behandeling bij een anders gediagnostiseerde ‘peesontsteking’ zelfs averechts kan werken. Zo nauwkeurig luistert de juiste diagnose!

Kijk voor behandelaars en het tarief op: Schoudertherapeut.nl

Het schoudergewricht, bestaat uit de ‘kop’ van de bovenarm (humerus) en de kom van het schouderblad (scapula). Een aantal spieren met hun pezen, die over het gewricht lopen, zorgen voor stabiliteit en een goede ‘kop-kom’ glij-beweging.

De kom wordt gevormd door een klein gewrichtsdeel van het schouderblad (glenoid), met een kraakbeen rand (labrum), en ‘het dak’ of ‘de boog’ van de schouder. Dit dak bestaat uit het acromion (acr) en de coraco-acromiale band (cal). Tussen dit dak en de pezen rond de kop ligt een slijmbeurs (bursa), die de wrijving tussen de pezen en het dak vermindert.vooraanzicht schouder

  • Acr = bovenkant van schouder & schouderblad (acromion)
  • Cor = ‘ravenbeksuitsteeksel’ schouderblad (coracoid)
  • Clav = sleutelbeen (clavicula)
  • Cal = coracoacromiale ligament
  • Chl = coracohumerale ligament
  • SSP = supraspinatuspees
  • IS = infraspinatuspees
  • SSC = Subscapularis spier en pees
  • Bic= Biceps, lange kop

Tijdens het heffen van de arm vindt beweging in de schouder (kop /kom) plaats. Als 2e glijdt het schouderblad over de borstkas en als 3e de roteert de wervelkolom. In al deze gewrichten moet de beweging en spierfunctie optimaal zijn. Als dat niet zo is (pathologie) dan kunnen (geleidelijk) klachten in de schouderregio ontstaan.

Mogelijke oorzaken:

  • Trauma’s zoals een val, of microtrauma’s zoals bij sporten
  • Stand van het schouderblad (het ‘dak’ staat iets naar voren)
  • Afwijkingen in het gewricht op de schoudertop (AC gewricht)
  • Afwijkingen in borst- of nekwervels (blokkering, instabiliteit)
  • Afwijkingen in de houding (schouders naar voren, scoliose)
  • Onvoldoende stabiliteit door banden (instabiliteit, overrekking)
  • Onvoldoende bescherming door de spieren (te zwak, verkort)
  • Onvoldoende uithoudingsvermogen (schoudergordel-) spieren
  • Onvoldoende coördinatie (samenwerking) van de spieren
  • Onvoldoende glijden van de kop in de kom (= meer wrijving!)

Vaak is sprake van een combinatie van enkele van deze oorzaken. 

Mogelijke Gevolgen:

  • Inklemmingsklachten (impingement) met chronische irritatie van pezen (zoals sst, is, bic en ssc), slijmbeurzen, kapsel etc.
  • Peesklachten (verschillende pezen en in de pees op verschillende plaatsen), zoals: (peri-) tendinitis, tendinose, kalkneerslag (calcificatie) of zelfs scheurtjes (lesies) in de pees.
  • Kapselklachten (verdikt en pijnlijk, vocht in het gewricht)
  • Degeneratieve processen (pees, gewricht, kraakbeen etc.)
  • Stijfheid van en rond de schouder, evt. ´frozen shoulder´
  • Pijnklachten in de bovenarm, elleboog, hand, rug of nek.

Deze klachten kunnen in en rond de verschillende pezen en op verschillende plaatsen in de pees voorkomen, waarbij het van groot belang is waar de klacht zich precies bevindt. Dit is met name belangrijk om een goed behandelplan te kunnen advi-seren. Het is zelfs zo dat bij een niet juiste diagnose bepaalde behandelingen of oefeningen averechts kunnen werken.

Uw fysiotherapeut zal, evt. na aanvullend echografisch onderzoek, een gericht behandelplan kunnen opstellen.

Bedenk wel dat een klacht die in lange tijd is ontstaan, ook langere tijd voor herstel nodig heeft. Daarbij zijn de door uw fysiotherapeut aangereikte adviezen (oefeningen) van groot belang voor een optimaal herstel.  Zie ook: FysioHage.nl